Onderzoek vorming voor de Onderwijsraad
Docenten over vorming en persoonsontwikkeling: een onderzoek naar taakopvatting, onderwijspraktijk, competenties, belemmeringen en behoeften
Enquête en respons
Door middel van een online enquête zijn leerkrachten, docenten en hoogleraren van basisonderwijs tot universiteit gevraagd naar hun taakopvatting (en de plaats van vorming en persoonsontwikkeling daarin), de keuzes die ze daarbij maken, de manier waarop ze hun vormende taak vormgeven, de competenties die zij daarbij belangrijk vinden en de problemen waarmee ze geconfronteerd worden. De vragenlijst is uitgezet onder alle leerkrachten en docenten die deel uitmaken van het Flitspanel® van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Dit is een (in het onderwijsveld representatieve) steekproef van in totaal 10.516 leerkrachten en docenten. 37 procent hiervan deed mee aan het onderzoek.
Intellectuele, culturele en morele vorming
Om zicht te krijgen op de mate waarin en de wijze waarop leraren in hun onderwijsactiviteiten vormend beogen te zijn en om hun intenties en manieren in beeld te krijgen is besloten in dit onderzoek de termen morele vorming, cultureel-historische vorming en intellectuele vorming te hanteren als drie aspecten van vorming en persoonsontwikkeling (ook wel persoonsvorming genoemd). Bij morele vorming gaat het om zaken als maatschappelijke verantwoordelijkheid leren nemen, het ontwikkelen van duurzame goede houdingen/deugden (bijvoorbeeld tolerantie, vrijgevigheid en geduld), aandacht voor normen en waarden, levensbeschouwelijke vorming en burgerschapsonderwijs. Cultureel-historische vorming behelst zaken als het bijbrengen van kennis en begrip van onze cultuur, historisch besef bijbrengen, de waarde van kunst leren inzien en waarderen, leesbevordering/stimuleren tot het lezen van literatuur en media-educatie (jongeren leren omgaan met media als Internet, radio en tv). Bij intellectuele vorming tot slot gaat het om zaken als kritisch leren denken, de waarde van debatteren op basis van redelijke argumenten leren inzien, een onderzoekende houding stimuleren, enthousiasme voor leren overbrengen en filosofie/ filosoferen. De doelgroep van het onderzoek wordt gevormd door leerkrachten en docenten: wat vragenvorming en persoonsontwikkeling van hen? Welke taakopvattingen hebben leerkrachten en docenten? Hebben vorming en persoonsontwikkeling daar ook een plaats in en zo ja, welke? Welke competenties hebben leerkrachten en docenten daarvoor nodig? En ten aanzien waarvan zijn leraren handelingsverlegen, welke belemmeringen ervaren zij?
Het rapport is te downloaden op de site van de onderwijsraad en op de hbo-kennisbank.